vrijdag 20 september 2013

20 september 2013: Radicaal lezen - De zinnen van literatuur

Met: Gijsbert Pols, Aukje van Rooden, Daniël Rovers, Johan Sonnenschein en Gaston Franssen (gespreksleider).

‘Let’s talk about text, baby’ luidde het manifest dat Daniël Rovers in 2012 op De Reactor plaatste. Hij riep op literatuur weer te lezen en te bestuderen als een kunstvorm die de kracht heeft om met louter woorden werelden open te leggen én te ondermijnen. Daarvoor is allereerst aandacht nodig voor de esthetische opbouw van de literaire tekst, iets wat de laatste decennia steeds verder uit het blikveld van de literatuurwetenschap dreigde te verdwijnen. Dat de tijd is gekomen voor een hernieuwde aandacht voor de literaire tekst, met zijn hoogsteigen structuur, klank, ritme en beeldenschat, vindt ook een aantal jonge literatuurwetenschappers. Zij richten zich weer op de vorm van de tekst en het oeuvre, en komen zo tot nieuwe inzichten in de (politieke) werkelijkheid.

De avond wordt ingeleid door Gijsbert Pols die in een korte lezing zal ingaan op de vraag wat we kunnen leren van de traditie van het estheticisme, terwijl hij ook kritiek zal leveren op de terug-naar-de-tekst beweging die in de VS als New Formalism bekend staat.

Vervolgens gaan Aukje van Rooden, Daniël Rovers en Johan Sonnenschein op zoek naar het esthetische moment in de literatuur en de ideologische implicaties daarvan. Aan de hand van een fragment uit een literair werk dat hen aan het hart gaat, zullen ze laten zien hoe compromisloze aandacht voor de eigenheid van een tekst kennis kan verschaffen over de schrijver en de ideeëncomplexen die onherroepelijk aan tekst en oeuvre ten grondslag liggen. Op die manier wordt duidelijk dat literatuur een opening naar de wereld kan forceren en aldus de mogelijkheid van een alternatief ter sprake brengt.

Afsluitend is er een discussie onder leiding van Gaston Franssen. Over de slagkracht van esthetiek, de valkuilen van het formalisme en de mogelijkheid om uit syntaxis, woordkeus en metaforiek politieke en levensbeschouwelijke overtuigingen af te leiden. Met als centrale vraag: hoe wordt een terugkeer naar de tekst een stap vooruit?

Gaston Franssen
is universitair docent Literature & Diversity aan de Universiteit van Amsterdam, waar hij in 2008 promoveerde op het proefschrift Gerrit Kouwenaar en de politiek van het lezen.

Gijsbert Pols  is als literatuurwetenschapper verbonden aan de Freie Universität Berlin en publiceert regelmatig kritieken op, onder meer, De Reactor.

Aukje van Rooden  is filosofe en literatuurwetenschapper. Zij publiceerde in tijdschriften en verzamelbundels over de verhouding tussen literatuur en politiek bij onder anderen Maurice Blanchot en Jean-Luc Nancy. In 2010 promoveerde ze op het proefschrift: L'Intrigue dénouée. Politique et littérature dans une communauté sans mythes. Sinds 2012 is ze als universitair docent verbonden aan de Universiteit van Amsterdam.

Daniël Rovers is schrijver, onder meer van de romans Elf en Walter. In 2012 verscheen zijn boek De figuur in het tapijt. Op zoek naar zes auteurs, een bewerking van zijn proefschrift.

Johan Sonnenschein schreef het proefschrift Kentering wending knik. Dynamiek in modern dichterschap (Herman Gorter, M. Nijhoff, Willem Jan Otten). Hij werkt aan de Université de Liège en is redacteur van nY.

Entree: 10 euro / 5 euro voor vrienden, studenten, stadspashouders
Aanvang 20:30 uur; deur open 20:00 uur

Reserveren kan hier

zaterdag 14 september 2013

15 september 2013: Read my world / Lucebert

READ MY WORLD | Lucebert

‘ik ben geen lieflijke dichter / I am no sweet rhymer’ - Lucebert in internationaal perspectief

15 september
Aanvang 18.00 uur.
In de Tolhuistuin.
Voertaal: Engels.

Met: Yasser Abdel Latif, Rob Halpern, Thomas Möhlmann (gespreksleider), Doro Wiese en Arie Boomsma

 Naar aanleiding van het verschijnen van: Lucebert. The Collected Poems Volume 1

Het volledig poëtisch werk van Lucebert (1924-1994), de bekendste naoorlogse experimentele dichter van Nederland, wordt naar het Engels vertaald. Onlangs verscheen het eerste van de vier beoogde delen, met daarin Luceberts poëzie tot en met 1952. In de Nederlandse literatuurgeschiedenis is Lucebert stevig verankerd, maar internationaal geniet hij, ondanks een aantal vertalingen van zijn werk, nog weinig bekendheid. Met deze nieuwe vertaling is het werk toegankelijk geworden voor een groot en internationaal publiek.

Hoe reageert het internationale publiek op deze experimentele poëzie? Tijdens dit programma wordt Luceberts werk tweetalig voorgedragen en reageren dichters en lezers uit verschillende landen en vanuit diverse contexten op de poëzie. Hoe werkt de experimentele en ‘proefondervindelijke’ poëzie van Lucebert voor hen en zijn zij in staat de traditionele receptie van Lucebert open te breken?

Yasser Abdel Latif studeerde filosofie in Caïro en publiceerde gedichtenbundels, romans en korte verhalen. Momenteel woont hij in Canada.

Rob Halpern is dichter. Hij woont en werkt in San Francisco. De Nederlandse vertaling van zijn bundel Disaster Suites (Rampensuites) door Frank Keizer en Samuel Vriezen wordt gepresenteerd tijdens Read My World.

Thomas Möhlmann is dichter, redacteur van poëzietijdschrift Awater en medewerker van het Nederlands Letterenfonds.

Doro Wiese, PhD is docent bij de afdelingen Comparative Literature en Gender Studies aan de Universiteit Utrecht. Haar boek The Powers of the False. Reading, Writing, Thinking beyond Truth and Fiction verschijnt binnenkort bij Northwestern University Press.

Arie Boomsma (1974) is schrijver, programmamaker en groot liefhebber van poëzie. Hij presenteerde onder andere het televisieprogramma Uit de kast en stelde de poëziebloemlezing Met dat hoofd gebeurt nog eens wat (2011) samen. In oktober verschijnt zijn nieuwe bloemlezing Waarom ben je niet bij mij.

15 september 2013: Read my world / Documented reality

READ MY WORLD | Documented Reality

Aanvang: 20.30 uur.
In de Tolhuistuin.
Voertaal: Engels.

Met: Frank Westerman, Mattijs van de Port, Jack Segbars, Chris Keulemans (gespreksleider), e.a.

 Het Read My World-festival onderzoekt het grensgebied tussen de literatuur en de (onderzoeks-) journalistiek. Het festival daagt de auteurs uit om verhalen te presenteren die voorbij gaan aan 'de vluchtige headlines waarin het nieuws ons doorgaans bereikt’.

Maar hoe zien die verhalen er dan uit? En hebben ze de literatuur iets te bieden? Of juist eerder de journalistiek? Wie het volgende citaat van Samuel Vriezen (uit Parmentier 19-1, 2010) leest over de literaire verwerking van Grunbergs bezoeken aan Afghanistan (en de receptie daarvan), zou dit in twijfel kunnen trekken:

Zoals Baudrillard ooit suggereerde dat de Golfoorlog nooit heeft plaatsgehad, zo zou je kunnen betwijfelen of Grunberg wel in Afghanistan is geweest. Met andere woorden: ik vraag mij af of zijn bezoek aan conflictgebieden wel wezenlijke sporen heeft achtergelaten in zijn werk. Uit de Grunberg-receptie kun je in elk geval niet opmaken hoe zijn stukken en romans de sporen dragen van zijn Afghanistan-ervaring. Buelens, Vaessens en Van Dijk leggen alledrie de nadruk op de literaire verwerking van de werkelijke ervaring tot een verhaal. Buelens analyseert daarbij zelfs hoe de beschrijving van een raketaanval in de uiteindelijke column sterk afwijkt van de eerste beschrijving ervan op Grunbergs blog; in de latere tekst is er een traditioneel (jüngeriaans) motief ingeslopen, namelijk dat het levensgevaardlijke van de oorlog roesopwekkend werkt. "Het is [Grunberg] om de literaire verwerking van waarachtige ervaringen te doen," zegt Vaessens. Jawel, maar waar is Afghanistan dan nog? (p 40)

De literair-journalistieke verhalen die Grunberg ons presenteert, geven de lezer geenszins een beeld van wat de auteur in Afghanistan heeft meegemaakt. Zijn verslagen lijken daarmee niet dezelfde nieuwswaarde te hebben als die van kranten of dagbladen. Waar schuilt die waarde dan wel in? In het literaire? In de taal?

Wat Grunberg via de verhalen wellicht zichtbaar probeert te maken, is de afstand die heerst tussen de werkelijkheid en de (talige) representatie hiervan. Vriezen noemt dit in hetzelfde artikel een 'gapend werkelijkheidstekort'. Hoe literatoren pogingen doen om dit gapende werkelijkheidstekort te omzeilen - die vraag staat centraal tijdens dit programma over documenterende literatuur.

Hoe ‘dichten’ schrijvers de kloof tussen de werkelijkheid en haar (talige) representaties? Welk effect gaat van een tekst zelf uit? Welke rol speelt de af- of aanwezigheid van de schrijver in sociaal en politiek complexe omgevingen? Hoe zien de schrijvers hun eigen rol in die context? Hoe gaan zij om met politiek gekleurde archieven en bronnen, en in hoeverre valt er literair te documenteren als de werkelijkheid zich op intense wijze aan de auteur opdringt?

Met deze vragen onderzoeken schrijvers, kunstenaars, academici en journalisten uit Egypte, Palestina en Nederland (de status van) documenterende literatuur op haar realisme en werkelijkheidstekort.

15 september 2013: Read my world / Rampensuites

READ MY WORLD | Rampensuites
Read My World festival, Tolhuistuin Amsterdam
‘In woorden zonder toekomst zoeken we toegang’ - Over Rampensuites van Rob Halpern

16.00 – 18.00 uur
Taal: eng/nl
Locatie: Tolhuistuin, tuinhuis

Met: Jacob Groot, Rob Halpern, Frank Keizer, Samuel Vriezen, Thijs Witty

Sinds juni 2013 is er de Sporenreeks, een nieuwe reeks van Uitgeverij Perdu die uit vertalingen bestaat van hedendaagse experimentele poëzie. Tijdens Read My World bespreekt Perdu de tweede titel uit deze serie: Rampensuites van de Amerikaanse Rob Halpern, vertaald en van een nawoord voorzien door Frank Keizer en Samuel Vriezen.

De gedichten in Rampensuites zijn ontstaan in 2005-2006, onder het presidentschap van George W. Bush. Het zijn registraties van een rampzalig politiek landschap, die tegelijkertijd openingen willen bieden voor een andere wereld. Middenin de rampspoed, een 'lotloos' geworden universum waarin wij niet langer op de sterren kunnen varen, zingt Halperns poëzie met een pittige lyrische stem vol verlangen, meeslepend, compact en complex, en toch herkenbaar als taal van onze wereld. Natuurrampen, politiek, oorlog, film en tv, seks, filosofie, economie en liefde vermengen zich in een pakkend ritme, waarin de dichter binnen elk woord de strijd om betekenis aangaat in naam van het zingende lichaam, tegen alle verdrukking in.

---

De Sporenreeks verschijnt in zeer beperkte oplage en bestaat uit vertalingen van hedendaagse experimentele poëzie. Van start ging de uitgeverij met de dichtbundel Oorbellen, buiken en eenzaamheid , een vertaling van twee bundels prozagedichten van de Roemeense dichteres Doina Ioanid (1968, Boekarest). De vertaling werd verzorgd en van een nawoord voorzien door Jan H. Mysjkin.

BOEK BESTELLEN? Maak dan 17,50 EUR (excl. verzendkosten) of 20,00 EUR (incl. verzendkosten) over naar 5129855 t.n.v. Stichting Perdu, onder vermelding van 'Oorbellen' / ‘‘Halpern’, uw naam en adres.

Een jaar abonneren op de reeks? Ontvang 5,00 EUR KORTING en maak 30,00 EUR (excl. verzendkosten) of 35,00 EUR (incl. verzendkosten) over naar 5129855 t.n.v. Stichting Perdu, onder vermelding van ‘Sporenreeks’, uw naam en adres.

vrijdag 21 juni 2013

28 juni 2013: Slotfeest Perdu: Presentatie Terras 04 Berlijn

Met: Monika Rinck (Duitsland), Lutz Seiler (Duitsland), Miek Zwamborn, Ton Naaijkens, Anneke Brassinga en Jaap Blonk.

 Daar was alweer het einde van het seizoen! En zoals ieder jaar viert Perdu het slotfeest van haar Avondenprogrammering op de laatste vrijdagavond van juni. Dit jaar: de presentatie van het vierde nummer van tijdschrift Terras.

Het vierde nummer van Terras, samengesteld door Erik Lindner, staat in het teken van Berlijn en is rijk gevuld met poëzie en literatuur uit de Duitse hoofdstad. Tien Duitse dichters werden vertaald en ingeleid door kenners: Elke Erb, Ulf Stolterfoht, Monika Rinck, Lutz Seiler, Marion Poschmann, Esther Kinsky, Ulrike Draesner, Norbert Hummelt, Uljana Wolf en Dieter M. Gräf. Er is proza van Herta Mueler, Johann Peter Hebel, Oskar Pastior, Dana Ranga en Tilmann Ramstedt. Het nummer is gelardeerd met essays die inzicht geven in de stand van zaken in de Duitse literatuur.

Tijdens de presentatie in Perdu zijn er voordrachten van de Duitse dichters Monika Rinck en Lutz Seiler die speciaal voor de gelegenheid naar Amsterdam afreizen. Zij worden geflankeerd door hun vertalers Miek Zwamborn en Ton Naaijkens.

Sound poet Jaap Blonk brengt live een fonetische vertaling van de poëzie van de Duitse auteur Ulf Stolterfoht bij videobeelden van de laatste.

Schrijver en vertaler Anneke Brassinga reageert op Monika Rinck en leest haar vertaling van Johann Peter Hebel voor.

Na de lezingen en voordrachten schuiven we de stoelen aan de kant en kan er op z'n Berlijns tot diep in de nacht worden gedanst.

[Voor het eindfeest en de papieren uitgave van 04 Berlijn ontvingen Terras en Perdu een projectsubsidie van het Goethe-Institut Amsterdam.]


Entree: 10 euro / 5 euro voor vrienden, studenten, stadspashouders
Aanvang 20:30 uur, deur open 20:00 uur
Reserveren kan hier

zaterdag 15 juni 2013

21 juni 2013: Poëzie die telt

Met: Tom Johnson, Samuel Vriezen e.a.

In poëzie wordt altijd geteld: lettergrepen, heffingen, verzen, woorden. Maar getallen zijn ook woorden. Het is dan ook goed om eens te kijken wat voor poëzie er met enkel en alleen getallen kan worden gemaakt. De voordelen van zulke poëzie zijn duidelijk genoeg: ze ontslaat getallen van hun dagdagelijkse plicht om als deprimerende cijfers in rapporten en begrotingen te staan. Ze brengt de getallen tot klinken en laat ze hun ritmische werking ontplooien. Ze hoeft niets te betekenen en is dus voor iedereen begrijpelijk, en wie het patroon voelt, mag meetellen. Aftelliedjes zijn niet voor niets geliefd.

Een heel uitgebreide canon van zuiver getalsmatige poëzie is er niet, maar toen Perdu op zoek ging, bleek er toch nog heel wat materiaal te zijn. Wiskundigen die mooie reeksen als gedichten presenteren, concrete dichters van Schwitters tot Rühm die geïnteresseerd zijn in de materiële zuiverheid van de getallen, conceptuele kunstenaars die de getallen naar hun hand zetten, componisten die werkzaam zijn op het grensgebied met de klankpoëzie.

Op deze avond treedt onder meer de Amerikaanse cult-componist Tom Johnson op, een van de grote tellers uit de conceptuele minimal music. Samen met een gelegenheidsensemble brengt hij een reeks stukken waarin in verschillende talen en op verschillende manieren tot zeven geteld wordt.

Dichter en componist Samuel Vriezen zal zijn vertaling voordragen van een tekst van kunstenaar Claude Closky, die de getallen van een tot en met duizend in alfabetische volgorde opschreef.

Entree: 10 euro / 5 euro voor vrienden, studenten, stadspashouders
Aanvang 20:30 uur, deur open 20:00 uur
Reserveren kan hier

vrijdag 14 juni 2013

15 juni 2013: Bundelpresentatie 'Oorbellen, buiken en eenzaamheid'

Let op: zaterdag 15 juni

Met: Doina Ioanid (Roemenië), Jan H. Mysjkin (België), Jan Willem Bos (België) en Miriam Rasch.


Uitgeverij Perdu presenteert deze maand de eerste titel uit haar nieuwe reeks: De Sporenreeks. Deze serie bestaat uit vertalingen van hedendaagse experimentele poëzie. Van start gaat de uitgeverij met de dichtbundel Oorbellen, buiken en eenzaamheid, een vertaling van twee bundels prozagedichten van de Roemeense dichteres Doina Ioanid (1968, Boekarest). De vertaling werd verzorgd en van een nawoord voorzien door Jan H. Mysjkin.

Moeder is bang voor de eenzaamheid. Ze kijkt me machte-
loos aan – zelfs bij soapseries voelt ze zich niet beter. Ze kijkt
me aan als een schrikachtig vaarskalf. Er is geen reden toe,
zeg ik bemoedigend, terwijl de eenzaamheid een flinke brok
van haar afrukt. Ben jij dan niet bang? vraagt ze met bebloe-
de lippen. Nee, antwoord ik. Natuurlijk loog ik en moeder
striemde me met een distel. En die was zo paars, dat het plots
avond werd.

Doina Ioanid
schreef vijf dichtbundels, gepubliceerd tussen 2000 en 2010. Haar werk leest als de roman van het leven van een vrouw in de ‘alledaagse onwerkelijkheid’, waar dagboek en droom een vaak verontrustende verbinding aangaan.

Jan H. Mysjkin is een Nederlandstalige dichter en gerenommeerd vertaler van en naar het Frans, én van en naar het Roemeens. Hij werd bekroond met uiteenlopende prijzen. Mysjkin vertaalde onder meer werk van Yves Bonnefoy, Jacques Roubaud, de dadaïsten Francis Picabia, Tristan Tzara en Hugo Ball alsook  Jerome Rothenberg, Arno Schmidt en Velimir Chlebnikov.

Jan Willem Bos werkt als beëdigd tolk-vertaler Nederlands-Roemeens, vertaalt Roemeense literatuur en publiceert regelmatig artikelen en boeken over het land, onder meer op schwob.nl. In maart 2011 verscheen van hem Mijn Roemenië bij uitgeverij Atlas; daar verscheen ook de door hem samengestelde en vertaalde bloemlezing Moderne Roemeense verhalen.

Miriam Rasch studeerde literatuurwetenschap en filosofie en werkt als redacteur en docent media / filosofie bij de Hogeschool van Amsterdam. Ze schrijft recensies en blogs voor verschillende websites en op miriamrasch.nl.

Aanwezig tijdens de presentatie zijn Doina Ioanid en Jan H. Mysjkin die in het Roemeens en Nederlands uit de bundel zullen voordragen. Jan Willem Bos verzorgt een inleiding op de hedendaagse Roemeense literatuur en besteedt daarbij extra aandacht aan het Roemeniënummer van literair tijdschrift Deus Ex Machina. Miriam Rasch bereidt een lezing voor waarin ze ingaat op de nieuwe vertaling en de poëtica van Doina Ioanid.

Voor de boekpresentatie ontving Perdu een financiële bijdrage van het Roemeens Cultureel Instituut te Brussel.


Entree: 10 euro / 5 euro voor vrienden, studenten, stadspashouders
Aanvang 20:30 uur; deur open 20:00 uur
Reserveren kan hier