vrijdag 18 april 2014

25 april 2014: Negatieve invloed

Met: Arjen Duinker, Piet Gerbrandy en Annemieke Gerrist

‘Daar [over invloed] is erg veel over geschreven, waarbij in het voorbijgaan moge worden opgemerkt dat een heel belangrijke literaire invloed, de negatieve, zo weinig ter sprake komt: een goede schrijver, die uit zichzelf misschien geneigd zou zijn romans à la Toergenjev te schrijven, laat dat wel uit zijn hoofd als hij de romans van Toergenjev gelezen heeft. Als men spreekt over de invloed van Poesjkin op de Russische poëzie, dan moet men wel bedenken dat zowat de belangrijkste taak van de op hem volgende dichters was om niet zo te schrijven als hij. “Invloed” wordt dan: anderen ertoe dwingen zo te schrijven dat ze naast je bestaan kunnen.’
(Karel van het Reve, in De geschiedenis van de Russische Literatuur)

De vraag die deze avond aan drie verschillende dichters, Arjen Duinker, Piet Gerbrandy en Annemieke Gerrist, wordt gesteld is eenvoudig: wat betekent negatieve invloed zoals Karel van het Reve die beschrijft voor jouw schrijfpraktijk?

De antwoorden beloven alles behalve eenvoudig te zijn. Een avond over anxiety of influence, de vrijheid van de eigen stem, over bewust en onbewust met deze vraag bezig zijn, het besef van traditie en het besef van vernieuwing.

Arjen Duinker (1956) is dichter. Hij debuteerde in 1988 met de bundel Rode oever. Zijn meest recente bundel, Autobiografie tot op de dag van vandaag, verscheen dit jaar.

Piet Gerbrandy (1958) is dichter, classicus en poëziecriticus. Hij publiceerde een tiental dichtbundels, waarvan de laatste, Vlinderslag. Een beurtzang in 2013 verscheen. Gerbrandy doceert klassiek en middeleeuws Latijn aan de Universiteit van Amsterdam.

Annemieke Gerrist (1980) is dichter en beeldend kunstenaar. Zij debuteerde in 2008 met de bundel Waar is een huis, en dit jaar verscheen haar tweede bundel, Het volume van een logé.
 
Aanvang 20:30 uur, deur open 20:00 uur
Entree: 10 euro / 5 euro voor vrienden, studenten, stadspashouders
Reserveren kan hier

vrijdag 11 april 2014

18 april 2014: Arbeid & literatuur – Over poëzie en productie

Met: Geert Buelens, Maarten van der Graaff en Sven Vitse

Dat het moeilijk is om met dichten je brood te verdienen, weet iedereen. Toch is poëzie als een vorm van arbeid te begrijpen en gaan arbeid en poëzie uiteenlopende relaties met elkaar aan. Deze avond onderzoekt die relaties en gaat in op gedichten over arbeid, de schrijver als zzp’er en de relatie tussen poëzie en industriële productie.

Geert Buelens bespreekt liedteksten van arbeiders en de arbeiders-beweging van de jaren twintig tot in de jaren zestig van de vorige eeuw.

Sven Vitse gaat in op de positie van de schrijver in een tijdperk van immateriële arbeid. Tegenwoordig kan de schrijver, zoals alle kunstenaars, beschouwd worden als de voorloper van de zelfstandige, flexibele arbeider; de schrijver als de zzp’er avant la lettre. Is schrijven weer een ambacht geworden, of zitten we nog in het romantische paradigma van de kunstenaar als het autonoom scheppende individu? Of nog weer anders: is de schrijver een ‘middle class professional’, zoals academici?

Maarten van der Graaff onderzoekt de relatie tussen de vorm van poëzie en vormen van arbeid. Zoals dichters die niet aan de lopende band staan of zitten te programmeren, maar desondanks collages maken of procedurele poëzie. En ook dichters die zich toe-eigenen wat wij gezamenlijk hebben geproduceerd: opgevangen taal van de straat, aan de telefoon, in boeken, op internet en twitter.

Geert Buelens (1971) is als professor Moderne Nederlandse Letterkunde verbonden aan de Universiteit van Utrecht. Zijn onderzoek richt zich op de wisselwerking tussen literatuur en samenleving. Hij publiceerde uitvoerig over Paul van Ostaijen, avant-garde poëzie, nationalisme en de poëzie van de Eerste Wereldoorlog. Zijn huidige onderzoek gaat, onder andere, over de cultuur van de jaren zestig en de dynamiek tussen de poëzie en de liedkunst sinds de Romantiek.

Sven Vitse (1981) schrijft geregeld essays en kritieken over hedendaags Nederlandstalig proza in Vlaamse en Nederlandse literaire tijdschriften. Hij promoveerde in 2008 en werkt sinds 2007 als docent moderne Nederlandse letterkunde aan de Universiteit Utrecht

Maarten van der Graaff (1987) studeerde filosofie en religiestudies. Hij publiceerde poëzie en proza in o.a. De Revisor, nY, De Brakke Hond, DW B en Het Liegend Konijn. In 2013 debuteerde hij met de bundel Vluchtautogedichten. Op het ogenblik bezig met zijn eerste roman.



Aanvang 20:30 uur, deur open: 20:00 uur
Entree: 10 euro / 5 euro voor vrienden, studenten, stadspashouders

Reserveren kan hier

vrijdag 4 april 2014

11 april 2014: De Lezer

Met: Krijn Peter Hesselink en Jeroen van Rooij

‘De Lezer’ is een serie vraaggesprekken tussen een dichter en een geoefende lezer, met een bijzonder kenmerk: het is de dichter die de vragen stelt over zijn eigen werk en de lezer die daarop antwoordt. Dat levert spannende gesprekken op met een soms verrassend poëticaal resultaat. Grenzen worden afgetast: tussen een dichter en zijn werk, tussen lezer en dichter, tussen lezer en gedicht.

Deze aflevering van De Lezer intensiveert deze formule. Krijn Peter Hesselink en Jeroen van Rooij treden op als lezer van elkaars werk; in eerste instantie naar aanleiding van hun recent gepubliceerde bundels Als niemand vangt (Hesselink) en Niemand had er enig idee van wat er aan de hand was (Van Rooij).

In een tweeluik gaan Hesselink en Van Rooij de confrontatie aan, op zoek naar nieuwe inzichten: over hun lees- en schrijfervaringen, over poëticale kwesties zoals het belang van een coherent lyrisch subject, en over raak- en grensvlakken in elkaars werk. Deze bijzondere opzet is ernstig maar ook speels, een rolspel tussen lezer en schrijver op zoek naar het plezier van de tekst. Zo schrijft Hesselink: ‘Om de vrije wil recht te kunnen doen moet ik de momenten opzoeken die voorafgaan aan onze keuzes, de momenten waarop we in onszelf voelen uitkristalliseren wat we van waarde vinden, waar we aan hechten, waar we voor vrezen.’

Krijn Peter Hesselink (1976) is dichter, vertaler en essayist. In 2008 debuteerde hij met de bundel Als geen ander, in januari 2014 verscheen met Als niemand vangt zijn vierde bundel.

Jeroen van Rooij (1979) is schrijver, essayist en recensent. In 2010 verscheen zijn debuutroman De eerste hond in de ruimte, gevolgd door Het licht (2012). Niemand had er enig idee van wat er aan de hand was markeert zijn debuut als dichter.

Aanvang 20:30 uur, deur open 20:00 uur
Entree: 10 euro / 5 euro voor vrienden, studenten, stadspashouders
Reserveren kan hier

woensdag 2 april 2014

4 april 2014: ReVersed Poetry Film Festival

 Middagprogramma

Met: Yra van Dijk, Jan Peeters, Tom Konyves en Roos Euwe en Coby Hounjet van Hard//hoofd

Op 4, 5 en 6 april vindt het ReVersed Poetry Film Festival plaats, georganiseerd door Perdu, Filmtheater Kriterion en OT301. Tijdens dit festival wordt het relatief onderbelichte genre van de poëziefilm middels een symposium, verschillende screenings, een competitieselectie en een openingsevenement bij het publiek geïntroduceerd. Het weekend staat in het teken van zowel nieuwe als oude werken en brengt daarmee de opkomst van het genre, evenals de huidige stand van zaken ruimschoots onder de aandacht.

Het symposium, dat op 4 april plaatsvindt in Perdu, biedt de basis voor de films die tijdens het festival vertoond worden. Sprekers met verschillende achtergronden (zowel academisch als praktisch) doen een aanzet om het genre te duiden en het festival van een theoretische context te voorzien. Tom Konyves verzorgt een inleiding op het genre vanuit zijn eigen praktijk als theoreticus en filmmaker. Yra van Dijk gaat in op de verhouding tussen digitale poëzie en de poëziefilm. Jan Peeters vertelt hoe zijn proefschrift Leesfilm. Oefeningen in intermedialiteit als handvat kan fungeren voor de praktijk van de poëziefilm. Roos Euwe en Coby Hounjet, beide redacteuren van online tijdschrift Hard//hoofd, recenseren een poëziefilm uit de competitieselectie van het festival. Tijdens het programma worden fragmenten uit films getoond die tijdens het festival te zien zijn in Kriterion.

Het symposium loopt over in een avondprogramma in OT301. Aldaar wordt het festival aan de hand van presentaties (door o.a. Alastair Cook), een openingsfilm en een aansluitend feest met verschillende performances officieel afgetrapt. Op zaterdag en zondag vinden de verschillende screenings plaats in Kriterion. Voor het complete programma zie www.reversed.nu.


Yra van Dijk is hoogleraar Moderne Nederlandse Letterkunde aan de Universiteit Leiden. Haar belangstelling voor media en materialiteit mondde uit in verschillende onderzoeken naar digitale literatuur. Zij schrift columns voor  De Gids en Awater over digitale media, en organiseerde programma’s daarover bij Poetry International en De Nacht van de Poëzie.

Jan Peeters is beeldend kunstenaar, filmmaker en medewerker aan het Sint Lucas Beeldende Kunst te Gent. Daarnaast is hij een van de drijvende krachten achter Art Cinema OFFoff, een vertonings en onderzoeksplatform voor experimentele film, en een van de initiatiefnemers van het in België georganiseerde poëziefilmfestival This is not a script. Onlangs promoveerde hij op het onderzoek getiteld Leesfilm. Oefeningen in intermedialiteit dat een brug slaat tussen lezen en bewegend beeld, schrift en kijken.

Tom Konyves is een Hongaars-Canadese dichter, docent creative visual writing en pionier op het gebied van videopoëzie. Hij heeft uiteenlopende publieke poëzieprojecten geïnitieerd, waaronder Poesie En Mouvement/Poetry On The Buses (Montreal, 1979) en Montreals eerste tentoonstelling over concrete poëzie (Vehicule Art, 1980). In 2011 schreef hij Videopoetry: A Manifesto, waarin hij een poging doet de vele vormen van ‘videopoëzie’ in kaart te brengen.

Hard//hoofd is een online tijdschrift voor kunst en journalistiek. Het zoekt naar verlichting en verdieping, intelligent vermaak en nieuwe inzichten. Hard//hoofd is een platform voor jong talent, dat door een scherpe eindredactie en intensieve begeleiding de kans heeft zich te ontwikkelen.

Roos Euwe woont in Antwerpen en Amsterdam en is opgeleid dramaturge.

Coby Hounjet is journalist, schrijver en coördinator.

Aanvang 16:00 uur; deur open 15:30 uur
Entree: 5 euro

Reserveren kan hier

vrijdag 28 maart 2014

zaterdag 29 maart 2014: Verloren Poëziemarkt


Aanvang 13:00 uur - Afsluiting 18:00 uur
Entree gratis


Op zaterdag 29 maart organiseert Perdu in samenwerking met uiteenlopende uitgevers en dichters de eerste editie van de Verloren Poëziemarkt. Zestien dichters vertegenwoordigen hun fonds door voor te dragen uit eigen werk en uit een bundel die op een of andere manier ‘verloren’ is gegaan; bundels die aan onze aandacht zijn ontsnapt of zelfs in de vergetelheid dreigen te geraken.

Het programma bestaat uit zestien dichters verdeeld over vier blokken van ca. 40 minuten per blok:

Deur open: 13:00u Welkomstwoord 13:20u

Blok 1 : 13:50-14:30u.

13:50u. Lieke Marsman (Van Oorschot)
14:00u. Koenraad Goudeseune (het Leesmagazijn)
14:10u.Renée Luth (Passage)
14:20u.Pim te Bokkel (Nieuw Amsterdam)

Blok 2 14:50-16:30u.

14:50u. Helene Gelèns (Cossee)
15:00u. Peter Smink (het Balanseer)
15:10u. Hannah van Wieringen (de Harmonie)
15:20u. Tsead Bruinja (Zirimiri Press)

Blok 3 15:50-16:30u.

15:50u. Daniël Vis (Prometheus)
16:00u. Eva Gerlach (Rainbow)
16:10u. Hans Dekkers (Wereldbibliotheek)
16:20u. Estelle Boelsma (Halverwege Chapbooks)

Blok 4 16:50-17:30u.

16:50u. Martijn den Ouden (Querido)
17:00u. Maarten van den Elzen (Hoenderbossche Verzen)
17:10u. Ljoedmilla Chodynskaja (Pegasus)
17:20u. Maarten van der Graaff (Atlas Contact)

Bezoekers, uitgevers en dichters komen samen om de verscheidenheid te verkennen die het poëzielandschap ons te bieden heeft. De uitgevers kunnen u ter plekke informeren over hun fonds. En niet te vergeten: u kunt uw poëzieassortiment uitbreiden met poëzie die u voorheen misschien nooit had gevonden!

De Verloren Poëziemarkt is de hele dag geopend en u kunt vrij in- en uitlopen.

Houd www.perdu.nl in de gaten voor het actuele programma.

vrijdag 21 maart 2014

28 maart 2014: Nieuwe poëzie uit Rusland #2 - Ontluikend postmodernisme in de Sovjet-Unie

Met: Boris Noordenbos, Nina Targan Mouravi, Lieke Marsman en Samuel Vriezen.

Dit jaar organiseert Perdu een serie programma’s over hedendaagse Russische poëzie. Op de tweede avond in de reeks staat poëzie uit de Sovjettijd centraal. Hierbij wordt niet zozeer naar de in Nederland al vertaalde 'officiële' dissidente poëzie gekeken, maar naar de meer conceptueel georiënteerde en postmoderne poëzie.

De Russische dichters die we deze avond introduceren zijn Anna Altsjoek, Vsevolod Nekrasov en Lev Rubinstein. Het dichtwerk van visueel kunstenaar en dichter Anna Altsjoek (1955-2008) is uiterst geconcentreerde poëzie. Virtuoos breekt ze woorden en zinnen op, waarbij de bestandsdelen nieuwe verbintenissen aangaan en verschillende betekenissen vrijmaken. Altsjoek maakt daarbij veelvuldig gebruik van verrassende en obscene woordspelingen. Gender issues en de reflectie op de sociale functie van taal spelen een grote rol in haar werk. Vsevolod Nekrasov (1934–2009) schreef in reactie op de pervertering van de taal onder het Sovjet regime bewust poëzie met een zeer beperkt vocabulaire, voortdurende herhaling en alledaagse onderwerpen. Hiermee onderzocht hij de mogelijkheid dat woorden zeggen wat ze betekenen, zonder de dubbelzinnig relatie tussen woord en betekenis uit het oog te verliezen. Lev Rubinstein (1947) is een van de grondleggers van het Moskou Conceptualisme. Geïnspireerd door zijn werk als bibliothecaris, schrijft hij poëzie op losse indexkaarten en maakt zo gedichten zonder vaste volgorde of lengte. Deze dichters werpen een ander licht op de complexe verhouding tussen de modernistische traditie, de officiële Sovjetideologie en 'Westerse' stromingen als postmodernisme en conceptualisme.

Slavist en literatuurwetenschapper Boris Noordenbos opent het programma met een inleiding over de literaire stromingen en ontwikkeling in Rusland rond de val van de Sovjet-Unie. Speciale aandacht in zijn lezing voor de genoemde Russische dichters, Moskou Conceptualisten en ontluikend postmodernisme in de jaren ’80.

Vertaler Nina Targan Mouravi maakte voor de avond vertalingen van een selectie gedichten van Altsjoek, Nekrasov en Rubinstein. Ze draagt deze voor en gaat in op het werk van Rubinstein.

Dichter Lieke Marsman reageert met nieuw eigen werk op de poëzie van Altsjoek.

Componist en dichter Samuel Vriezen is al langere tijd bewonderaar van Vsevolod Nekrasov. In dit programma zal hij het publiek proberen uit te leggen waarom.

---

Boris Noordenbos is Slavist en universitair docent Literatuurwetenschap aan de Universiteit van Amsterdam. Hij promoveerde in 2013 op “Messages from the Black Hole: Post-Soviet Literature in Search of a Russian Identity.”

Nina Targan Mouravi
is vertaalster, voordrachtskunstenaar en portretschilder. Ze werd geboren in Georgië, groeide op in Moskou en kwam twintig jaar geleden naar Nederland. In 2005 publiceerde ze een bundel met vertalingen uit het Russische van onder meer Poesjkin, Achmatova, Mandelstam, en Pasternak.

Lieke Marsman is dichter. Dit jaar verscheen haar tweede bundel De eerste letter bij Uitgeverij van Oorschot. Ze won met haar debuutbundel Wat ik mijzelf graag voorhoud (2010) de Lucy B en C.W van der Hoogtprijs, de Liegend Konijn Debuutprijs 2011 en de Buddingh'-prijs 2011. Haar tweede bundel is al even jubelend ontvangen in de pers.

Samuel Vriezen is dichter, componist en vertaler. Zijn kamermuziek is veelal experimenteel en zijn poëzie doorgaans procedureel. Vorig jaar verscheen bij Uitgeverij Perdu Rampensuites van Rob Halpern, met vertalingen van Vriezens hand.

Aanvang 20:30 uur; deur open 20:00 uur
Entree: 10 euro/5 euro (voor studenten, vrienden en stadspashouders)

Reserveren kan hier

vrijdag 14 maart 2014

21 maart 2014: FtHvdB: het werk van Fritzi Harmsen van Beek

Met: Bernke Klein Zandvoort, Peggy Verzett en Alfred Schaffer.

Er was iets anders, maar wat. Iets dat knaagt. Iets onzichtbaar knagends. Iets... Meteen kwamen we op een idee. Ach natuurlijk!
Hoe konden we zo stom zijn geweest! (...) Wat een subliem verraderlijk raffinement!

Wat knaagt er in het werk van Fritzi Harmsen van Beek? Wat gebeurt er in haar poëzie? Wat betekent het werk van deze 'poet's poet's poet' voor dichters van nu? De verhalen rond haar persoon spreken tot de verbeelding, maar haar werk doet dat nog veel meer.




Drie dichters lezen nieuw werk voor dat geïnspireerd is door het werk van Harmsen van Beek, een gedicht van Harmsen van Beek zelf, en houden een kleine beschouwing. Perdu-redacteur Anne Becking verzorgt een inleiding.

Peggy Verzett (1958) is kunstenaar (olieverfschilderen en tekenen en dichten) en docent. In 2005 debuteerde ze bij uitgeverij van Oorschot met de bundel Prijken die buik (genomineerd voor de Paul Peeters Poëzie prijs (Landgraaf)) en haar tweede bundel Vissing  verscheen bij Querido in 2010.

Bernke Klein Zandvoort (1987) is schrijver en beeldend kunstenaar. Ze debuteerde in 2013 met de dichtbundel Uitzicht is een afstand die zich omkeert bij uitgeverij Querido.

Alfred Schaffer (1973)  publiceerde zes dichtbundels, waaronder Schuim (2006), Kooi (2008) en Mens Dier Ding (2014). Hij doceert aan de universiteit van Stellenbosch in Zuid-Afrika.

Aanvang 20:30 uur;  zaal open 20:00 uur.
Entree: 10 euro / 5 euro (met vrienden-, studenten- en stadspas)

Reserveren kan hier.